Fernando Alonso benadrukt dat Aston Martin vooruitgang boekt, ondanks het feit dat de eerste grote upgrades voor de AMR26 pas na de zomerpauze worden verwacht.
Aston Martin staat voorlopig troosteloos laatste in het constructeurskampioenschap. De formatie uit Silverstone moet zich voorlopig tevreden stellen met een vijftiende plaats van Alonso in Miami en een vijftiende plaats van Lance Stroll in Canada als beste resultaten van het seizoen 2026.
De AMR26 kampt met verschillende problemen, waarvan de nieuwe Honda-powerunit er één is. Positief nieuws is wel dat het team de vibratieproblemen waarmee het aan het begin van het seizoen worstelde inmiddels grotendeels onder controle heeft gekregen.
Een ander pijnpunt is de versnellingsbak, die voor het eerst volledig door Aston Martin zelf wordt ontwikkeld en geproduceerd. Tot en met vorig seizoen maakte het team gebruik van Mercedes-power units met de bijbehorende versnellingsbak.
Alonso liet verstaan dat er in Miami nog problemen waren met de transmissie maar dat het team in Canada een duidelijke stap vooruit heeft gezet.
“Soms hebben we een goede start, maar daarna raken we uit positie en vallen we geleidelijk terug”, vertelde Alonso aan de media. “We verliezen elke ronde plaatsen en komen uiteindelijk terecht op onze natuurlijke positie achteraan het veld. Dat is momenteel de situatie en die zal waarschijnlijk zo blijven tot na de zomer.”
“We accepteren dat en beantwoorden elk weekend dezelfde vragen, maar we blijven er ontspannen onder.”
“Er is elke keer dat we de baan opgaan vooruitgang. Sinds Miami hebben we nieuwe zaken uitgeprobeerd aan de auto, de motor, de afstellingen en de versnellingsbak. Vooral op het vlak van de versnellingsbak, de synchronisatie en het terugschakelen hebben we duidelijke verbeteringen geboekt.”
“Hoe zich dat precies vertaalt naar rondetijden is moeilijk te kwantificeren, maar we waren in Canada zeker sneller dan in Miami met exact dezelfde auto, simpelweg omdat we de afstelling en verschillende systemen blijven verfijnen.”
“Ik verwacht dan ook dat er tussen nu en Monaco nog veel kleine verbeteringen zullen volgen, wat hopelijk opnieuw een stap vooruit oplevert. Het fundamentele probleem en het snelheidsverschil van ongeveer drie seconden kunnen echter alleen worden opgelost met meer motorvermogen en een beter aerodynamisch pakket. Die verbeteringen zullen pas in de tweede helft van het seizoen komen.”






