Voor regerend wereldkampioen Lando Norris zag het er tijdens de sprintkwalificatie op een bepaald moment niet zo goed uit. Een technisch probleem met de wagen leek zijn sprintkwalificatie ernstig te gaan compromitteren maar de mecaniciens van McLaren zorgden voor een een oplossing.
Nadat er aan het begin van de sprintkwalificatie een probleem was met een front brake duct, er was een deel van de wagen losgekomen, verloor Lando Norris heel wat downforce op zijn wagen. Norris worstelde zich met een onvoorspelbare en inconsistente wagen doorheen SQ1 en SQ2, telkens met de tiende tijd, wat vooral in SQ2 nipt was om door te stoten naar SQ3.
Voorafgaand aan SQ3 slaagden de mecaniciens er dan toch in om het onderdeel te vervangen en dat zorgde meteen voor een wagen die een heel stuk beter was. Norris kwalificeerde zich uiteindelijk op de zesde plaats. Hij geeft toe dat de gevolgen van het probleem met het onderdeel groter waren dan verwacht en hij is vooral ook de mecaniciens dankbaar.
“De impact was veel groter dan dat ik had gedacht,” zei Norris na afloop. “Het was pas tegen de laatste run dat we erin slaagden om het op te lossen. De jongens hebben goed werk verricht door het te herstellen tegen die laatste run. De wagen was helemaal anders, veel beter.”
“De wagen voelde tijdens het grootste deel van de sprintkwalificatie erg slecht aan, gelukkig slaagden we erin om het op te lossen want de wagen voelde helemaal anders.”
“Maar tegen dat ik het juiste gevoel kreeg voor mijn laatste rondje, had ik het gevoel dat ik veel meer had kunnen pushen. Het is erg jammer voor vandaag maar ik denk dat er hier en daar nog wel wat snelheid is die we kunnen vinden.”






