Hij was één van de F1-piloten die mee het hardste zijn beklag deed over de nieuwe F1-bolides en de nieuwe manier van racen maar enkele raceweekends verder komt het besef bij Carlos Sainz dat het gedaan moet zijn met klagen en dat er vooruit moet gekeken worden.
Naast Max Verstappen was Carlos Sainz de voorbije maanden zeer vocaal in het overbrengen van zijn frustraties rondom de nieuwe F1-regels, de nieuwe F1-bolides en de nieuwe manier van rijden met de 2026-wagens. Ondanks het feit dat hij de herziene reglementen nog steeds niet voldoende vindt beseft ook Carlos Sainz dat hij er net als de andere rijders gewoon het beste van moet proberen maken dit seizoen.
“Het is naar mijn mening nog steeds een beetje te veel,” vertelde Sainz na afloop van de GP van Canada. “Er is nog marge om deze motor en deze reglementen te verbeteren met wat er voor volgend jaar wordt voorgesteld. Ik denk dat we dit jaar niet veel meer kunnen doen.”
“Van mijn kant heb ik besloten om te stoppen met klagen, want het is duidelijk dat dit jaar niet ideaal is en nooit ideaal zal zijn. Maar ik heb goede hoop voor volgend jaar en hoeveel er dan kan veranderen.”
Tegelijkertijd blijft Sainz ervan overtuigd dat de bestuurorganen niet mag mogen zijn om hervormingen door te voeren wanneer dat de sport in het algemeen ten goede komt.
“Er is een commissie waar je kunt stemmen en waar de teams kunnen stemmen. Ik denk dat ik de FIA en FOM daarom heb gezegd dat ze het moeten doorzetten en zich eraan moeten houden,” aldus Sainz. “Want ik weet zeker dat als ze zeggen ‘zo hoort het’, terwijl we het misschien niet helemaal met hen eens zijn, er geen andere keuze zal zijn dan het te doen.”
“Natuurlijk moet iedereen het ermee eens zijn, maar tegelijkertijd, als het ten goede komt aan de sport en het spektakel, ben ik een groot voorstander van een krachtige aanpak en een vast standpunt.”
Volgens Sainz moet er dan ook meer naar ‘het grotere geheel’ gekeken worden. Tegelijkertijd vindt Sainz echter ook dat er met de 2026-wagens ook goede zaken zijn verwezenlijkt. Zo zijn het chassis en de aerodynamica aanzienlijk verbeterd tegenover de vorige generatie wagens.
“Ik denk dat alle rijders heel duidelijk hebben aangegeven dat het chassis en de aerodynamica niet het probleem zijn,” zegt Sainz daarover. “Ik denk dat we allemaal best tevreden zijn met de vooruitgang die de auto’s hebben geboekt: ze voelen wat lichter, wat smaller en niet zo lang aan. En wat wendbaarder.”
“Ze hebben nog steeds behoorlijk wat downforce, dus we genieten ervan om ermee te rijden. Ik denk dat we alleen een goede motor nodig hebben.”






