Lewis Hamilton finishte de GP van Azerbeidzjan als zesde op ruime afstand van racewinnaar George Russell. Voor Hamilton was het een frustrerende race en die frustratie viel ook te bespeuren tijdens de interviews na afloop van de race.
Nadat hij zich als zesde had gekwalificeerd was het de vraag wat Hamilton tijdens de race zou kunnen presteren. Eenmaal de lichten gedoofd werden en de race van start ging bleek Hamilton niet in staat te zijn om zich vooraan in de strijd te mengen. Uiteindelijk finishte Hamilton ook als zesde en bleek andermaal dat Ferrari op de rechte stukken snelheid tekort komt.
Het motorvermogen bij Ferrari en de pure topsnelheid zijn niet goed genoeg. Dat bleek ook al eerder tijdens het seizoen en vooral op circuit zoals dat van Mona, en op het 2,2 kilometer lang recht stuk in Baku, wordt zoiets pijnlijk duidelijk. Hamilton slaagde er dan ook niet in om te strijden met de wagens voor hem en ook achter hem bleek er weinig strijd te zijn.
“Ja, ik bevond me het meeste van de tijd in niemandsland,” zei Hamilton na afloop, waarna Hamilton de vraag kreeg hoe het voelde om niets te kunnen doen wanneer hij moest verdedigen op het rechte stuk. “Het is niet geweldig maar het is wat het is. Er is niet veel dat ik eraan kan doen.”
Mercedes en Red Bull waren duidelijk sneller op de rechte stukken en dus ook over de volledige race. Ferrari blijft haar huidige wagen verder ontwikkelen in de plaats van de focus bijna volledig te verschuiven naar de wagen voor 2027. Later dit seizoen wordt er nog een pakket met upgrades verwacht.
Hamilton werd vervolgens gevraagd of Ferrari was afgegleden naar de vierde plaats in de pikorde bij de teams maar dat was duidelijk een vraag die Hamilton niet zinde. Hij beet dan ook scherp terug.
“Wat is het belang daarvan? Waarom zou ik daarmee akkoord gaan,” sneerde Hamilton. “Ik bedoel, ik weet niet waar we ons bevinden. Derde of tweede? Ik weet het niet. We zijn duidelijk niet de snelste momenteel, maar we bevonden ons voor McLaren vandaag dus misschien zijn we derde.”






