Max Verstappen heeft genoeg van het steeds opnieuw moeten herhalen van zijn kritiek op de nieuwe reglementen in de Formule 1. De viervoudig wereldkampioen blijft erbij dat hij de richting waarin de sport evolueert al jaren geleden zag aankomen, maar voelt dat zijn waarschuwingen lange tijd werden genegeerd.
Verstappen is een van de meest uitgesproken critici van de nieuwe technische regels en omschreef de huidige generatie Formule 1-wagens eerder al als “anti-racen” en zelfs als “Formule E op steroïden”. Volgens de Nederlander ligt de focus te veel op elektrificatie en efficiëntie, waardoor het pure racekarakter van de sport onder druk komt te staan. Al in 2023 uitte Verstappen zijn twijfels over de toekomst van de Formule 1.
“Het ziet er behoorlijk slecht uit. Als je op het rechte stuk in Monza op volle snelheid rijdt, moet je zo’n 400 of 500 meter voor het einde van het rechte stuk terugschakelen omdat dat sneller is. Ik denk niet dat dat de juiste weg vooruit is.”
Volgens Verstappen dreigt de nieuwe generatie motoren opnieuw een ontwikkelingsoorlog tussen de constructeurs te veroorzaken.
“Het probleem is dat het erop lijkt dat het een wedstrijd tussen verbrandingsmotoren wordt, waarbij degene met de sterkste motor een groot voordeel heeft. Ik denk niet dat dat de bedoeling van de Formule 1 zou moeten zijn, want dan ontstaat er opnieuw een enorme ontwikkelingsstrijd en wordt het bijzonder duur om misschien een paar pk extra te vinden.”
De Nederlander pleitte er eerder al voor om een betere balans te zoeken tussen prestaties, kosten en het spektakel op de baan. Tijdens de eerste races van het nieuwe motorreglement werd duidelijk dat de verdeling tussen de verbrandingsmotor en het elektrische gedeelte nog niet optimaal werkt. Daarom wordt er de komende seizoenen gewerkt aan een aanpassing waarbij het aandeel van elektrische kracht opnieuw wordt verminderd.
Ook de moeilijke seizoensstart van Red Bull Racing zorgde ervoor dat de frustratie bij Verstappen toenam. Hij waarschuwde eerder dat de Formule 1 “mentaal ondoenbaar” zou kunnen worden als de problemen niet worden aangepakt. Sommige critici verweten hem op dat moment vooral dat zijn kritiek voortkwam uit het feit dat hij niet voor de overwinning kon strijden.
Na de recente races in Silverstone en Spa lijkt de mening van Verstappen echter steeds meer weerklank te krijgen. Ook andere rijders begonnen vraagtekens te plaatsen bij de nieuwe richting van de sport.
Verstappen merkt dat op, maar benadrukt dat zijn kritiek nooit bedoeld was als een persoonlijke aanval of een reactie op mindere resultaten.
“Ik spreek me al heel lang uit over deze regels. In het begin zeiden de meeste mensen: ‘Hij zit gewoon te klagen, hij moet zijn mond houden.’ Maar bij de laatste paar races zien steeds meer mensen wat ik al lang zag aankomen.”
“Het gaat er niet om dat ik niet meer win. Het gaat erom dat ik om het product geef. En omdat ik het al zo vaak heb gezegd, wordt het op een gegeven moment gewoon genoeg.”
Volgens Verstappen blijft hij alleen maar eerlijk zijn over wat hij ziet op het circuit.
“Misschien wordt het niet altijd gewaardeerd, maar ik zeg gewoon wat ik denk. Soms zeggen mensen: ‘Maar dit was toch een geweldige race?’ Dan zeg ik: ‘Ja, maar de manier waarop we racen is niet echt realistisch.'”
Voor Verstappen blijft het probleem vooral dat de huidige wagens op sommige circuits niet meer het prestatieniveau halen dat bij de Formule 1 hoort.
“Je komt op sommige circuits terecht waar je met voor F1-begrippen niet veel pk’s rijdt. Dat is een beetje pijnlijk, iets wat ik al jaren zag aankomen.”
De Nederlander lijkt dan ook vooral gefrustreerd omdat hij telkens opnieuw hetzelfde punt moet maken.
“Het is natuurlijk niet het spannendste onderwerp, maar op een bepaald moment ben ik het ook een beetje beu om mezelf te herhalen. Het is al moeilijk genoeg om er gewoon mee te moeten rijden.”
De discussie over de toekomst van de sport is nog lang niet voorbij en met steeds meer stemmen die zich beginnen uit te spreken, belooft het achter de schermen én op de baan nog een bijzonder interessante periode te worden.






