Net voor zijn vertrek bij Audi liet Jonathan Wheatley weten dat geen enkele motorfabrikant een maand wil verliezen binnen het ADUO-programma van de FIA.
Na de GP van China gaf Wheatley al aan dat de power unit van Audi een belangrijk aandachtspunt zou worden, na een langdurig gesprek met Mattia Binotto, die inmiddels zijn taken heeft overgenomen.
Wheatley erkende dat vooral de motor aan de basis lag van de moeilijkheden die Nico Hülkenberg ondervond in de wiel-aan-wielgevechten in Shanghai.
Vorig jaar introduceerde de FIA het “Assisted Development and Upgrade Opportunities-programma” (ADUO). Dit vangnet is bedoeld om motorfabrikanten die achterop raken, te helpen hun achterstand in te halen onder de nieuwe Formule 1-regels van 2026.
Welke fabrikanten in aanmerking komen voor ADUO wordt bepaald na de zesde race van het seizoen. Oorspronkelijk was dat de GP van Miami, maar door het wegvallen van de GP’s van Bahrein en Saoedi-Arabië is de Grand Prix van Monaco nu de zesde race, ongeveer een maand later.
Volgens berichten lopen er gesprekken om de tijdlijn van het ADUO-programma aan te passen, maar een officiële beslissing is nog niet genomen. Wheatley liet in Shanghai weten dat niemand gebaat is bij die vertraging.
“Zoals je weet was het de bedoeling om dit in reeksen van zes races te evalueren,” aldus Wheatley. “Maar door de zeer ongelukkige situatie in het Midden-Oosten rijden we daar momenteel geen races, en ik denk dat niemand een maand wil verliezen.”
Over de problemen van Hülkenberg in Shanghai zei Wheatley: “Ik denk dat dit circuit onze zwakke punten op meerdere vlakken heeft blootgelegd. Een van de interessante aspecten hier was hoe cruciaal rijeigenschappen zijn in racesituaties.”
“Het blijft een uitdaging om die onder controle te krijgen. Nico had enkele momenten, onder meer in bocht 6, waarin herstel moeilijk was, omdat je de motor opnieuw binnen het optimale werkingsbereik moet krijgen.”
Op de vraag of de matige rijeigenschappen van Audi verband houden met de inzet van de motor, verwees Wheatley naar de expertise van Binotto:
“Je stelt nu eigenlijk vragen die eerder door Mattia gesteld zouden worden dan door mij,” grapte hij.
“Maar uiteindelijk draait het om de respons van de power unit in situaties waarin je moet reageren in plaats van anticiperen.”






