De FIA moet het nieuwe ADUO-systeem voor de Formule 1 mogelijk aanpassen. Dat geeft Nikolas Tombazis, de FIA-directeur voor eenzitters, toe nadat de eerste meetronde rond de nieuwe 2026-motoren voor de nodige verbazing zorgde. Vooral Red Bull Racing keek vreemd op toen het werd uitgeroepen tot fabrikant met de sterkste verbrandingsmotor.
ADUO, voluit Additional Development and Upgrade Opportunities, werd voor 2026 ingevoerd om te voorkomen dat motorfabrikanten die achterop raken met de nieuwe generatie power units jarenlang veroordeeld zijn tot een achterstand. Na vooraf vastgelegde meetmomenten kunnen fabrikanten die minder presteren extra ontwikkelingsmogelijkheden krijgen. Opvallend is dat daarbij alleen naar de verbrandingsmotor wordt gekeken en niet naar de volledige power unit. In 2026 is de verhouding tussen de verbrandingsmotor en elektrische aandrijving immers ongeveer fiftyfifty.
Bij de eerste controle kwam Red Bull als nummer één uit de bus. Een opvallende conclusie, aangezien het team pas dit jaar zijn allereerste eigen power unit introduceerde, ontwikkeld in samenwerking met Ford. Het gevolg is dat Red Bull geen extra homologatie-upgrade via ADUO krijgt, terwijl alle andere fabrikanten minstens één mogelijkheid hebben verdiend.
Dat resultaat staat bovendien haaks op uitspraken van Mercedes-teambaas Toto Wolff. Hij stelde tegenover Sky F1 dat Mercedes over de “most powerful power unit” op de Formule 1-grid beschikt, ofwel dus “de meest krachtige motor”. De discussie over de manier waarop de FIA de prestaties meet was daarmee snel geopend.
Tombazis verdedigt echter nadrukkelijk de metingen van de federatie. “Ik denk dat onze meting naar mijn mening zeer accuraat is gebleken,” stelt hij. Tegelijkertijd erkent de FIA-topman dat het systeem niet perfect functioneert. “Heeft alles goed gewerkt? Nee, want mensen zijn uiteraard niet tevreden. Moeten we nadenken over verbeteringen in de toekomst? Ja, dat zou ik zeggen.”
Volgens Tombazis werkt ADUO in de basis zoals het bedoeld is, maar zijn er zwakke plekken. “Ik denk dat het systeem werkt zoals het ontworpen is, maar ik denk wel dat er enkele zwakke punten zijn die we in de toekomst moeten aanpakken.”
Vooral de tijd die het proces kost en de controverse die het veroorzaakt, moeten volgens hem worden verminderd: “We moeten stappen zetten om het in de toekomst minder tijdrovend en minder controversieel te maken.”
Dat Red Bull niet bepaald staat te springen om de uitkomst van de eerste meting, bleek ook uit de reactie van Max Verstappen. Na zijn podium tijdens de Grand Prix van Hongarije werd de viervoudig wereldkampioen gevraagd wat Red Bull de komende maanden vooral moet verbeteren. Zijn antwoord was veelzeggend: “We moeten eerst meer algemene performance vinden.”
Verstappen wees daarnaast op problemen waarbij Red Bull tijdens een raceweekend soms plots snelheid verliest. En toen de motor ter sprake kwam, kon hij een kleine sneer richting het ADUO-systeem niet laten liggen. “Dan noemde je de motor. Ik zou ook graag wat ADUO willen hebben. Ja, op de een of andere manier. Maar dat is… ik weet het niet. We zullen zien. We kijken er na de zomerpauze nog eens naar.”
De FIA lijkt daar alvast niet ongevoelig voor. De federatie houdt vast aan de betrouwbaarheid van haar eerste meting, maar erkent tegelijkertijd dat ADUO nog niet helemaal op punt staat. Daarmee lijkt één ding duidelijk: de eerste krachtmeting van het nieuwe Formule 1-motortijdperk is nog lang niet voorbij.






